Eenzijdige activering drijft mensen richting armoede
De armoedecijfers dalen, maar met bijna 1,9 miljoen Belgen die nog altijd risico lopen op armoede of sociale uitsluiting, blijft de vooruitgang broos. Beleid dat uitkeringen beperkt zonder voldoende begeleiding, ondersteuning en passende jobs dreigt die vooruitgang opnieuw teniet te doen.
De Armoedebarometer 2026 brengt de recentste cijfers samen over inkomen, werk, gezondheid, wonen, onderwijs en samenleven. In een nieuw Focus hoofdstuk onderzoeken we wat er gebeurt met mensen die hun werkloosheidsuitkering verliezen en waarom financiële druk alleen geen duurzame activering oplevert.
Armoedebarometer 2026:
Eenzijdige activering drijft mensen richting armoede
Uitstroom is nog geen vooruitgang!
"De eerste cijfers tonen geen succesvolle activering, maar een massale verschuiving naar het leefloon en een groot gat in het sociaal vangnet. Mensen uit een uitkering duwen is eenvoudiger dan duurzame kansen organiseren. Activering is pas een hefboom uit armoede als er begeleiding, passend werk en een menswaardig inkomen tegenover staan." Anne Van Lancker, voorzitter Decenniumdoelen.
Armoedecijfers: sociale bescherming maakt het verschil
De algemene armoedecijfers verbeteren. Maar onder die positieve evolutie blijven grote ongelijkheden tussen bevolkingsgroepen bestaan. Werklozen, huurders, eenoudergezinnen, kortgeschoolden, mensen geboren buiten de EU en mensen die niet kunnen werken blijven veel vaker kwetsbaar. Kinderarmoede blijft hardnekkig. De diepte van armoede neemt toe en dak- en thuisloosheid blijft hoog. Bovendien worden tegelijk beleidskeuzes gemaakt die een deel van de sociale bescherming opnieuw verzwakken.
minder mensen met risico op armoede of sociale uitsluiting sinds 2019
Sinds 2019 daalde het aantal mensen met een risico op armoede of sociale uitsluiting in België met 344.000.
Belgen leven nog met risico op armoede of sociale uitsluiting
Het gaat in België om 16,5% van de bevolking; in Vlaanderen gaat het om 780.000 mensen of 11,4% van de bevolking.
Sociale transfers verminderen het armoederisico
In de EU-27 gaat het gemiddeld om 34,4%.
Armoede binnen inkomen, werk, gezondheid
Armoede binnen wonen, onderwijs en samenleven
Armoede bestrijden is een politieke keuze
De dalende armoedecijfers tonen dat beleid verschil maakt. Sociale bescherming en hogere minimumuitkeringen hebben de financiële positie van kwetsbare gezinnen verbeterd. Tegelijk blijven de ongelijkheden groot en dreigen nieuwe beleidskeuzes een deel van die vooruitgang opnieuw teniet te doen.
Armoede wordt niet duurzaam bestreden door mensen sneller uit een uitkering te laten verdwijnen, rechten voorwaardelijker te maken of individuele verantwoordelijkheid steeds zwaarder te laten wegen. Structurele armoedebestrijding vraagt sterke sociale grondrechten, voldoende collectieve investeringen en bescherming wanneer mensen die zelf niet kunnen organiseren.
De dalende armoedecijfers tonen dat vooruitgang mogelijk is. De vraag voor de komende jaren is of die vooruitgang wordt uitgebouwd — of opnieuw wordt prijsgegeven.
Eisen van Decenniumdoelen
Zeven eisen voor een beleid dat mensen ondersteunt, beschermt tegen armoede en kansen biedt op duurzame tewerkstelling.
Trek de sociale minima uiterlijk tegen 2030 op tot minstens de armoederisicodrempel en laat ze de index en de welvaart volgen. Ken sociale rechten zoveel mogelijk automatisch en op basis van het inkomen toe, zodat complexe procedures of statuutvoorwaarden mensen niet van bescherming uitsluiten.
Respecteer het recht op een menswaardig bestaan en het standstill-beginsel uit artikel 23 van de Belgische Grondwet. Beleidsmaatregelen mogen het bestaande beschermingsniveau van sociale grondrechten niet aanzienlijk verminderen zonder duidelijke redenen van algemeen belang.
Pas vóór ingrijpende hervormingen altijd een armoedetoets toe. Monitor vervolgens wat er met de getroffen mensen gebeurt en stuur het beleid bij wanneer zij inkomen verliezen, tussen systemen verdwijnen of onvoldoende ondersteuning krijgen.
Zorg voor begeleiding op maat en een warme overdracht tussen VDAB, OCMW’s, ziekenfondsen en welzijnsdiensten. Mensen moeten daarnaast persoonlijk terechtkunnen voor informatie, aanvragen en de opvolging van hun dossier. Digitale toegang mag geen voorwaarde zijn om sociale rechten op te nemen.
Duurzame tewerkstelling vraagt meer dan financiële druk. Investeer in toegankelijke opleidingen, betaalbare kinderopvang en vervoer, en in voldoende passend en kwaliteitsvol werk. Geef mensen de tijd, ondersteuning en inkomenszekerheid om een haalbaar traject af te leggen.
Geef bij mensen in langdurige ziekte voorrang aan herstel, begeleiding en een geleidelijke terugkeer naar werk. Zorg voor voldoende aangepast en werkbaar werk en laat ook werkgevers hun verantwoordelijkheid opnemen voor werkbare arbeidsomstandigheden en noodzakelijke aanpassingen op de werkvloer.
Armoede kan niet vanuit één beleidsdomein worden bestreden. Verbind het beleid rond inkomen, werk, wonen, gezondheid, onderwijs en samenleven en betrek mensen in armoede en hun organisaties vanaf de start. Voorkom dat besparingen of drempels op het ene domein elders grotere menselijke en maatschappelijke kosten veroorzaken.